Blijf leeg.
# **Blijf leeg.**
Het woord upanishad betekent 'zitten aan de voeten van de meester'. In het oude India was er de gurukul262 traditie van meesters en discipelen. Kinderen werden op zevenjarige leeftijd bij de meester achtergelaten en zij groeiden op met een prachtige centrering in hun bewustzijn. Meesters
262 Gurukul - Vedische onderwijsinstelling.
zijn levende belichamingen van waarheden van de geschriften. Hun gedachten, woorden en daden komen voort uit de ultieme Waarheid. Discipelen pikken de waarheid op door alleen maar om hen heen te leven.
Swami Sri Yukteshwar Giri263, een verlichte meester uit India zegt: 'Zitten met de meester is niet alleen in zijn fysieke aanwezigheid zijn, maar hem in je hart houden, in principe één met hem zijn en jezelf op hem afstemmen.' Dit is de hele techniek van upanishad. De meester is bovenbewuste energie. Als je je op hem afstemt, stem je je af op die energie. Je kunt je alleen afstemmen door onschuld, openheid.
Openheid is leegte. Laat kennis je niet vullen. Kennis is slechts een werktuig, niet je substantie. Verwerp alle kennis als 'niet dit', 'niet dit'. Wanneer ik zeg verwerp, bedoel ik dat je geen genoegen neemt met enige tussenliggende kennis behalve de ultieme Waarheid. Want wanneer je alles laat vallen wat voortdurend in je opkomt, dan heb je geen andere uitweg meer. Je wordt teruggeworpen in jezelf en het is daar dat je de ultieme Waarheid zult vinden. Het is dan dat je klaar bent om gevuld te worden met de Waarheid. Dan alleen kun je upanishad laten gebeuren.
Adi Shankara, de grote wijze uit het oude India, zong het prachtige Nirvana Shatakam264 toen hij nog maar acht jaar oud was:
Ik heb haat noch liefde, Ik heb noch hebzucht noch begoocheling, Ik heb inderdaad noch trots noch jaloezie, Ik heb geen plicht te vervullen, noch enige rijkdom te verwerven, Ik heb geen hunkering naar plezier, Ik ben niet gebonden aan bevrijding, Ik ben van de aard van puur Bewustzijn en Gelukzaligheid, Ik ben alle Voorspoed, Ik ben Shiva.
Zo zalig was zijn leegte op die jonge leeftijd.
Als je naar kinderen kijkt, zijn hun ogen de hele tijd gevuld met verwondering en frisheid. Ze zijn zo leeg van binnen. Ze hebben geen mening over wat dan ook. Ze zijn klaar om te ontvangen. Hun
263 Swami Sri Yukteshwar Giri - Meester van verlichte meester Paramahamsa Yogananda uit India.
264 Nirvana Shatakam - Een verzameling van zes verzen gezongen door verlichte meester Adi Shankara op achtjarige leeftijd om zichzelf voor te stellen aan zijn meester, Govindapada.
bereidheid wordt uitgedrukt in hun ogen. Heb je ooit een volwassene gezien met zulke ogen? De ogen verliezen hun glans als we ouder worden, omdat we afgestompt raken door wat we beginnen te weten. Kennis maakt ons dof. We kunnen veel dingen weten, maar het weten mag ons op geen enkele manier afstompen. We moeten altijd leeg van geest blijven.
Als je gewoon naar het leven kijkt zonder meningen, zonder woorden van beschrijving, zonder vaste ideeën, dan ben je als een leeg theekopje waarin de gezette thee kan worden gegoten. Je ontvangt omdat je niets vasthoudt, omdat je leeg bent. Dan verlies je nooit je enthousiasme. Je verveelt je nooit. Je bent als een kind, onschuldig en fris.
Een jong meisje was iets op een stuk papier aan het schrijven. Haar vader vroeg haar wat het was.
Ze zei: "Ik schrijf een brief. Hij vroeg: 'Aan wie?' Aan mij', antwoordde ze. Wat staat er in de brief?' vroeg hij.
Zij antwoordde: 'Hoe weet ik dat? Ik heb hem niet gepost en ik heb hem nog niet ontvangen.'
Er zit zoveel frisheid achter onschuld. Het leven wordt daarmee elk moment een zich ontvouwend mysterie. Dat is de waarheid. Het leven is een zich steeds ontvouwend mysterie. Het is de geest die het typeert. De geest wil het leven altijd op zijn eigen specifieke voorwaarden. Onschuld omarmt het leven met de eigen voorwaarden van het leven. Met de geest vindt het leven geen poort om binnen te gaan met zijn mysteries. Met onschuld wordt het leven verwelkomd om zijn mysteries te delen.
Als je met kinderen verstoppertje speelt, zul je zien dat ze zich op dezelfde plaats zullen verstoppen als jij je de vorige keer hebt verstopt! Niet één keer maar de meeste keren! Hoe is dat mogelijk? Dat komt door één ding: ze bewegen met onschuld. Ze hebben geen idee in hun hoofd. Ze volgen gewoon hun hart. Ze hebben een groot vertrouwen in je, dus ze verstoppen zich gewoon waar jij je verstopt, niet eens vermoedend dat je daar zult kijken! Dat is het mooie.
In de kinderpsychologie wordt een eenvoudig experiment uitgevoerd om het intellectuele bewustzijn van kinderen te bepalen. Het kind krijgt een poppenhuis te zien met poppen van vader, moeder, zoon en dochter. De begeleider neemt de poppen van vader en moeder weg en vertelt het kind dat zij vertrokken zijn om te werken of boodschappen te doen. Het kind wordt gevraagd om de verklaring te bevestigen. Dan wordt het kind afgeleid om elders te gaan kijken en de ouderpoppen worden terug in het poppenhuis gezet waar het kind ze kan zien. Het kind wordt nu
gevraagd waar de vader- en moederpoppen zijn, en er zijn zeer interessante waarnemingen in de antwoorden.
Een kind tot vier jaar zal normaal antwoorden dat de moeder en de vader nog weg zijn om te werken of boodschappen te doen, ook al kan het hen duidelijk zien in het poppenhuis. Het is pas na die leeftijd, misschien vanaf de leeftijd van vijf jaar, dat het kind een verband legt tussen wat het ziet en de werkelijkheid. Tot die tijd gelooft het kind gewoon wat het eerder is verteld.
Dit is de schoonheid van onschuld. Onschuld vertrouwt. Onschuld maakt zich geen zorgen om uitgebuit te worden. Neurowetenschappers hebben hier nu verklaringen voor. Zij zeggen dat tot de leeftijd van vijf of zes jaar, de hersengolf patronen van een kind zich in de theta- en deltastaten bevinden. Dit zijn zeer beïnvloedbare gemoedstoestanden waarin we dromen en slapen. Dit zijn toestanden van geen identiteit. Tot de leeftijd van twaalf jaar zeggen ze dat de hersengolven zich in de alfa-toestand bevinden, nog steeds erg beïnvloedbaar. Dit is waarom kinderen het meeste geloven van wat volwassenen tegen hen zeggen. In hun onschuld vertrouwen ze.
Als je naar de ogen van kinderen kijkt, zullen ze helder en leeg zijn. Dit is waarom ze in gelukzaligheid zijn. Als je opgroeit, worden je ogen gevuld met kennis. Dan heb je misschien wel zicht, maar geen inzicht, omdat je ziet door je ogen die al gevuld zijn met meningen, oordelen en overtuigingen. Je zicht is niet langer onschuldig. Het is gefilterd en vertroebeld. Je ziet door het filter van je overtuigingen en geconditioneerde herinneringen. Er valt niets nieuws te leren van wat je ziet, omdat het een herhaling wordt van je vroegere herinneringen. Het leren wordt gemist.
Aan de andere kant, wanneer je ziet met lege ogen, gaat alles wat je ziet diep en veroorzaakt het nieuw inzicht. Het leven wordt een zich eeuwig ontvouwend mysterie. De aard van je vraagstelling verandert. De aard van de vraag onthult de diepte van de onschuld van de vraagsteller.
Er zijn drie manieren om een vraag te stellen. Je kunt vragen uit onschuld, of je kunt vragen uit kennis om te laten zien dat je het ook weet, en ten derde kun je vragen om te bevestigen dat wat je weet juist is. Wanneer je vraagt uit onschuld, ben je volledig klaar om het antwoord te ontvangen. Wanneer je vraagt uit kennis, mis je het antwoord volledig. Wanneer je vraagt om bevestiging, verzet je je eenvoudigweg tegen het antwoord.
Een klein verhaaltje:
Zen meesters geven over het algemeen persoonlijke begeleiding in een afgezonderde kamer. Niemand komt binnen wanneer meester en leerling samen zijn.
Een Zenmeester praatte elke dag graag met handelaars en journalisten en met zijn leerlingen. Onder zijn regelmatige bezoekers was een ongeletterde pottenbakker die hem altijd dwaze vragen kwam stellen. Daarna dronk hij thee en ging weg.
Section 2
Op een dag, toen de pottenbakker daar was, wilde de meester persoonlijk leiding geven aan een leerling, dus verzocht hij de pottenbakker om buiten te blijven.
De pottenbakker vroeg: 'Ik begrijp dat u een levende boeddha bent. Zelfs de stenen boeddha's verhinderen nooit dat mensen voor hen samenkomen. Waarom zou ik dan niet mogen?'
De meester moest naar buiten gaan om zijn leerling te zien.
De vraag van de pottenbakker ging over kennis. Hij miste het leren van het moment. Meesters geven elk moment kennis door. Als er een impliciete openheid is, kan het leren ontvangen worden. In de ruimte van onschuld gebeurt het leren. De kennis van de pottenbakker kwam in de vorm van het absorberen van de meester. Kinderen absorberen alles en iedereen om hen heen als een spons. Er is nog niets dat dit proces belemmert. Daarom werden zij in de oude vedische traditie al op zevenjarige leeftijd naar meesters gebracht. Het fundamentele geheim van leren is te functioneren vanuit een staat van onschuld.
Het probleem is dat zij die niet leeg zijn nooit erkennen dat ze niet leeg zijn. Je kunt ze niet vertellen dat ze vol zijn. Zij zullen het niet begrijpen noch aanvaarden. Maar een mens van onschuld kan zeggen: 'Door mijn weten heb ik het gemist. Ik weet het eigenlijk niet. Ik sta nu te popelen om het te weten.' Op het moment dat deze ruimte ontstaat, gaat het leren door. In deze ruimte is er geen ego van het weten. De weerstand is weggevallen en er is pure ontvankelijkheid.
J. Krishnamurti, de grote filosoof, zegt mooi: 'Er kan alleen vrijheid van kennis zijn wanneer de motivatie voor het vergaren van kennis wordt begrepen.'
Wat is in het algemeen de motivatie voor kennis? Zie je, het heden is een zich ontvouwend wonder en mysterie van het Bestaan. Wij proberen het te vatten met het net van kennis. Dat is de motivatie voor kennis. Maar dat kan nooit gebeuren! Het onbekende kan nooit samenvallen met het bekende. Het onbekende kan alleen gekend worden door er zich aan over te geven. Die overgave is wat intelligentie wordt genoemd! Intelligentie herkent het mysterie van het huidige moment en geeft zich er vreugdevol aan over. Die vreugde is de vreugde van de onschuld.
Kennis daarentegen ontkent het mysterie van het huidige moment. Het probeert het elke minuut te achterhalen en het heden kan nooit worden achterhaald. Dus blijf je voortdurend zitten met wat 'angst voor het onbekende' wordt genoemd. Het is door het proces van het proberen te achterhalen van het huidige moment dat de angst voor het onbekende wortel schiet. Anders heb je geen angst! Je weet heel goed dat het huidige moment een mysterie is!
Door kennis probeer je op de een of andere manier te ontsnappen aan het 'niet-weten' van het moment. Voor het ego betekent niet-weten niets zijn. Het kan het niet aan om niets te zijn. Maar onschuld is niets zijn en genieten van het heden! Het heden is een ongeopend geschenk. Maar kennis berooft het van zijn spanning. Wanneer kennis begrijpt dat de wegen van het zelf nog
ontdekt moeten worden, dan belemmert zij het proces van het ultieme weten niet. Dan gedraagt zij zich als een werktuig dat in het spel komt wanneer het werkelijk nodig is en niet in de weg staat van het omhelzen van de mysteries van het leven.
Wanneer we begrijpen dat kennis de mysteries van het leven ontkent, wanneer we begrijpen dat we kennis vergaren omdat we bang zijn voor het onbekende, zullen we ontwaken tot een nieuwe intelligentie van overgave aan het leven en dat ontwaken is de geboorte van onschuld.
Het probleem is dat de maatschappij gelooft in het bijbrengen van een aantal overtuigingen aan ieder kind dat geboren wordt. De hele methode om een kind op te voeden is het een aantal overtuigingen bij te brengen.
Wat is geloof?
Het is niets anders dan een individuele en onafhankelijke interpretatie van iets. Het is niet nodig om een kind een geloof bij te brengen. Een kind kan vrij blijven om zijn eigen interpretatie te hebben.
J. Krishnamurti zegt: 'Kennis is zowel traditie als instinct.' Wat bedoelt hij daarmee? Laten we zeggen dat je geboren bent in een Hindoe familie. Dan zal de kennis die je oppikt uit een solide Hindoe traditie komen. Je reacties en je handelingen zullen de sterke overtuigingen van de Hindoe traditie en ideologie in zich dragen. Zowel op het bewuste als het onbewuste niveau zul je erdoor geconditioneerd worden. De onbewuste reactie wordt je 'instinct'. De eigenlijke ervaring van alles om je heen, gebeurt alleen door instinct, niet zoals het is. En daarom kun je niets weten zoals het is. Je kunt het alleen kennen door je kennis. Daarom zeggen we, kennis is een belemmering voor weten.
Als kennis eenmaal gestold is in het wezen, is er geen ruimte meer voor ervaren. Er is alleen ruimte voor het naspelen van kennis. Alles wordt een weerspiegeling van kennis uit het verleden of van een conclusie uit het verleden. De toekomst wordt een voortzetting van de patronen en ervaringen uit het verleden. Je kent de geur van een bloem al. Je kent het geluid van de golven al. Je kent de zonsopgang al. In het allereerste begin, ten tijde van de eerste ervaring als kind, zouden dit werkelijk onschuldige ervaringen zijn geweest. Maar naarmate we opgroeien, beginnen deze onschuldige ervaringen alledaagse traditie te worden.
Begrijp, het bestaan is geen voortzetting van iets. Het is elke minuut nieuw. Dus is het niet mogelijk om iets te weten. Wat weet je van wat er de volgende seconde gebeurt? Als dit begrepen is, kan al het weten achterwege gelaten worden. Dan is er alleen wijsheid en wijsheid is onschuldige intelligentie. Zij laat de ervaring gebeuren zonder dat kennis belemmerend werkt. Dan gebeuren de grote ontdekkingen van het Zelf en dat wat rond het Zelf is, evenals de mysteries die beide verbinden.
J. Krishnamurti zegt terecht dat geloof zoveel mogelijkheden terzijde schuift en je tot één bepaalde activiteit dwingt. Aangezien de geest voortdurend op zoek is naar activiteit ga je achter geloof aan. We baseren ons hele leven op overtuigingen. Daardoor zijn we ondergedompeld in activiteit, maar niet in actie. Activiteit moet voortdurend gevoed worden door overtuigingen. Activiteit kan het zich niet veroorloven te stoppen. Als het stopt, raakt de geest in een depressie. Actie vindt plaats wanneer dat nodig is en houdt dan op. Activiteit komt voort uit overtuiging. Actie komt voort uit begrip. Activiteit veroorzaakt vermoeidheid, terwijl actie energie en inspiratie creëert. Wat je nodig hebt is actie, geen activiteit.
Begrijp gewoon dat geloof niets anders is dan je eigen begrip van iets en niet de waarheid. In een bepaalde situatie kunnen vier verschillende mensen met vier verschillende overtuigingen tot een andere conclusie komen. Er is geen absolute realiteit in geloof. Het is slechts een individuele perceptie. Maar onschuld houdt de perceptie open. Dat is het mooie ervan. Ze besluit niet en sluit de deuren niet voor wat dan ook.
Kijk naar dit plaatje hier.

Wat zie je? Je ziet een oude vrouw.
Maar je ziet ook een jonge vrouw! De neus van de oude vrouw is de linkerwang van de jonge vrouw. De mond van de oude vrouw is de hals van de jurk van de jonge vrouw! Het linkeroog van de oude vrouw wordt het linkeroor van de jonge vrouw.
Er zijn ontelbare interpretaties voor alles. Niet vasthouden aan een bepaalde interpretatie is de essentie van onschuld. Dan wordt de geest levend gehouden.
Stilte is de ruimte van afleren en leren.
Paramahamsa Yogananda265 zegt: 'Overdag is het speelterrein van de duivel.' Overdag voeden we onze geest voortdurend met woorden. Eigenlijk, als je observeert, komen woorden in de weg van het leren. Bijvoorbeeld, nu zitten jullie voor mij. Velen
van jullie begrijpen niet wat ik zeg omdat ik een vreemde taal tegen jullie spreek. Jullie voelen je
265 Paramahamsa Yogananda - Een verlichte meester uit India bekend om zijn boek 'Autobiografie van een Yogi'.
Section 3
verdrietig. Maar jullie zijn de meest gelukkigen van de groep! Het is niet mogelijk om van mij te leren door middel van woorden. Ik praat alleen om jullie stil te krijgen. Als ik niet praat, begin jij in jezelf te praten. Dus praat ik. Maar je kunt alleen door stilte veel van me leren. In stilte zit onschuld. In woorden is er intellect. Intellect kan nooit de waarheid ontvangen, alleen onschuld kan dat.
Zit hier gewoon met onschuld, dat is genoeg. Dan zul je het ultieme begrip ontvangen. Het is in de leemtes tussen mijn woorden dat het echte onderricht ligt. De meester is pure poëzie, de poëzie van het Bestaan. Zijn uitdrukking is een overvloeien van Bestaan. De meester spreekt omdat je het wilt horen. Terwijl hij spreekt is er een prachtige stilte, die zijn onderstroom is. Als je open staat kun je voelen dat het je raakt. Stilte overbrugt de kloof die woorden creëren. Stilte is de ruimte van transformatie naar nieuw leren. In de stilte ben je open en op die momenten kan ik je gemakkelijk transformeren. Met de transformatie, herwin je je volledige onschuld.
Communicatie is tussen twee hoofden. Met communicatie kun je me gemakkelijk verkeerd interpreteren. Maar verbinding is tussen twee harten. Het is tussen twee wezens. Met communicatie werk je met je intellectuele verdediging. Met verbinding ontvang je de directe inwijding in de ervaring. Met verbinding vervul je het verlangen dat je hebt naar iets voorbij woorden. Ik heb precies dat bij me. Dat is wat je moet nemen.
Het hele meditatieproces is beginnen met verbinding en de stilte in jezelf vinden. De innerlijke stilte kan nooit worden aangeraakt door gedachten of ervaringen. Innerlijke stilte is de onschuld die je zoekt. Daarom verlangen mensen ernaar om in hun eentje in de Himalaya of in het bos te zitten. Ze hopen de innerlijke stilte te vinden door de uiterlijke stilte. Als dat gebeurt, begin je je te verbinden met het hele Bestaan. Alles wat vanuit deze stilte gebeurt, zal altijd in overeenstemming zijn met het Bestaan.
Een discipel bezocht een Zen meester in China.
De meester vroeg hem: "Wat zoek je?
De discipel antwoordde: 'Verlichting.'
De meester zei, 'Je hebt je eigen schatkamer. Waarom zoek je buiten?'
De discipel vroeg: 'Waar is mijn schatkamer?'
De meester antwoordde: 'Wat je vraagt is je schatkamer.'
De discipel werd op datzelfde moment verlicht.
De innerlijke stilte is de schatkamer. Dat voor jou vinden is het werk van de meester. Dus de volgende keer, voel je niet verdrietig als je niet kunt begrijpen wat ik zeg. Blijf onschuldig en versmelt met de stilte in de woorden. Het afleren en leren zal dan gebeuren zoals het hoort. In die stilte is er geen hebzucht naar de hemel of angst voor de hel of jaloezie op de ander of gebrek aan liefde, of enige zorg. Er is alleen resonantie met de onschuld, met de meester. De directe overdracht vindt dan plaats.